De Morgenster, een verboden vlag

Tilly Kaisiëpo met 'De Morgenster'. De vlag die tijdens De Nationale Veteranendag niet gevoerd mag worden.

Tilly Kaisiëpo met ‘De Morgenster’. De vlag die tijdens De Nationale Veteranendag niet gevoerd mag worden.

Op de  jaarlijkse Veteranendag op zaterdag 28 juni in Den Haag zal de Morgenster-vlag niet te zien zijn tijdens het Nationaal defilé. De vlag is verboden door de organisatie.

De afgelopen negen jaar droegen veteranen die in de jaren 60 in Nederlands Nieuw-Guinea vochten, naast de Nederlandse vlag ook de Morgenster-vlag met zich mee tijdens het Nationale defilé. De vlag is bij Koninklijk Besluit toegekend aan de bevolking van Nederlands Nieuw-Guinea, in aanloop naar hun geplande onafhankelijkheid in 1970. Maar die onafhankelijkheid is er nooit gekomen. Indonesië beschouwde Nederlands Nieuw-Guinea als onderdeel van Indonesië en startte in 1961 een militaire operatie om het gebied in te nemen. Onder druk van de Verenigde Staten en de VN, trok Nederland zich terug. Sindsdien worden de Papoea’s onderdrukt en zijn er 400.000 Papoea’s vermoord. In Indonesië en West-Papoea is de Morgenster verboden. Wie de vlag daar hijst, riskeert een gevangenisstraf.

Veteranen
De veteranen die in die  jaren voor diezelfde vlag vochten, voor de vrijheid van West-Papoea, tegen Indonesië, mogen die vlag nu niet voeren tijdens hun Veteranendag. ‘Op aandringen van de Indonesische ambassade’, aldus luitenant-kolonel b.d. Klaas Bloem van de Vereniging Nederlands Nieuw-Guinea Militairen (VNNGM) in de Telegraaf. Het lijkt erop dat Nederland wederom zwicht voor Indonesië.

Webdocumentaire
Dankzij Tilly Kaisiëpo hoorde ik vorig jaar voor het eerst over de situatie in West-Papoea. Ook zij verdedigde haar vlag. Maar dan tegen mensen die demonstreerden voor Zwarte Piet en geen idee hadden wat voor vlag zij voerde. Met mijn bedrijf Narratus Multimedia maakte ik een korte webdocumentaire  over Tilly en de situatie in West-Papoea. Misschien goed om nog even naar te kijken en te zien hoe belangrijk die vlag is. En voor wie de petitie ‘Stop de slow motion genocide in West-Papoea’ nog niet getekend heeft, hoop ik dat deze docu daartoe zal aanzetten.

WAARSCHUWING: DE DOCUMENTAIRE BEVAT BEELDEN DIE ALS SHOCKEREND KUNNEN WORDEN ERVAREN.

Freelance (Foto)Journalist? Je bent ook ondernemer!

Winnaars van de Olympiade. De wetenschappers van de toekomst.

Winnaars van de Olympiade. De wetenschappers van de toekomst.

Gisteren mailde een contactpersoon bij het ministerie van OCW: ‘Ik zat klaar om je te bellen, maar werd op mijn vingers getikt. Je zit niet in het raamcontract dat we sinds begin dit jaar moeten gebruiken en ga dus gedwongen met een fotograaf in zee die wel op die lijst staat.’
Op dat moment besefte ik ineens dat ik dit jaar weinig foto-opdrachten voor overheidsinstanties heb gedaan. Wel een paar, dus waarschijnlijk is het systeem (nog) niet waterdicht.

Onderzoek
Ook herinnerde ik me een bijeenkomst van de NVJ/NVF, waar een onderzoek werd gepresenteerd over tarieven, auteursrechten, onderhandelingen en toekomstverwachtingen voor freelance journalisten, schrijvers en fotografen.
Dankzij de cijfers die tijdens die bijeenkomst gepresenteerd werden, begreep ik waarom veel van mijn offertes niet tot opdrachten leiden. De gemiddelde tarieven zijn in vijf jaar tijd met ongeveer 40% gedaald, terwijl ik daar nooit in mee ben gegaan. Inflatie heb ik die vijf jaar niet meegerekend, dus ging ik er sowieso al op achteruit.

Ondernemer
Tijdens die bijeenkomst viel me op dat er weinig journalisten en fotografen aanwezig waren die óók als ondernemer denken. Terwijl ze dat meestal wel zijn.
Al snel werden de schuldigen van de dalende tarieven aangewezen: de uitgevers die de tarieven bepalen en freelancers onder druk zetten, amateurs die voor weinig of gratis werken en wat doet ‘de politiek’? En de NVJ?
Niemand die er aan dacht om naar zichzelf te kijken. Je bepaalt als ondernemer toch zelf voor welk tarief je wil werken?

Aanbesteding
Vlak voordat ik wilde reageren kreeg een jonge vrouw de microfoon. Zij was fotografe en confronteerde de kamerleden die bij het debat aanwezig waren met het feit dat óók de overheid misbruik maakt van freelancers.
Ze vertelde over een contract dat ze had getekend. Ze had meegedaan met een aanbesteding van de Rijksoverheid voor fotografie voor diverse ministeries, maar was het niet eens met de voorwaarden en vroeg zich af wat de kamerleden daar aan konden doen.
‘Maar je hebt wel getekend?’, vroeg D’66 kamerlid Kees Verhoeven. ‘Ja, anders zou ik geen opdrachten meer krijgen..’
Verhoeven was even stil. Misschien dacht hij net als ik: ‘Onderhandelen doe je toch niet nadat je al getekend hebt?’, maar hij beloofde kamervragen te stellen en heeft dat inmiddels ook gedaan.

Dalende tarieven en slechte voorwaarden
Na afloop van de bijeenkomst sprak ik de fotografe nog. Ik begrijp haar wel. Een groot deel van haar omzet kwam van de Rijksoverheid en ze had het gevoel dat ze met de rug tegen de muur stond. Toch vind ik het jammer dat ze een contract tekende waar ze eigenlijk niet achter staat, want dat is de reden dat de tarieven dalen en de voorwaarden verslechteren.
De enige manier om dat tegen te gaan is om met zijn allen de rug recht te houden en niet akkoord te gaan met lage tarieven en slechte voorwaarden. Kortom: we doen het onszelf aan.
Wijzen naar de NVJ/NVF of de politiek heeft geen zin. We zijn ondernemer en het wordt tijd dat we beseffen dat we zelf verantwoordelijk zijn voor onze omzet. De NVJ/NVF kan alleen adviseren. Het is niet toegestaan prijsafspraken te maken.

Eigen schuld
Voor mij was de Rijksoverheid geen hele grote opdrachtgever, maar door deze aanbesteding zal ik toch ongeveer
€ 5000 per jaar mislopen. Dat is jammer, maar mijn eigen schuld. Had ik maar op moeten letten, want ik wist van geen aanbesteding. Daarnaast weet ik ook niet zeker of ik wel had meegedaan. Dat zou afhankelijk zijn van de voorwaarden in het contract. Mijn ervaring met freelance-contracten is niet best, meestal wordt er veel geëist, maar weinig geboden.

Keuze
Hoe dan ook: de opdracht van het Ministerie van OCW gaat niet door. Dat vind ik jammer. Het is een onderwerp dat ik ieder jaar in beeld bracht: de huldiging van de winnaars van de nationale Olympiades. Dat deed ik inmiddels 14 jaar en het voelde als een traditie. Naast dat het een goede opdracht was, vond ik het ook leuk. Ieder jaar die slimme scholieren fotograferen die, vaak door hun ouders in hun netste kleren gehesen, ietwat verlegen of verveeld hun prijs in ontvangst nemen en de vragen van de staatssecretaris of minister van onderwijs beantwoorden.
Misschien wordt de opdracht nu uitgevoerd door de fotografe die dat tegen voorwaarden doet waar ze het niet mee eens is, maar dat is haar keuze.

Verkopen
Zelf neig ik er steeds meer naar om werk rechtstreeks te verkopen aan geïnteresseerden. Niet meer via grote uitgevers, niet meer via stockbureaus. ‘Cut out the middleman’, want daar blijft de meeste winst hangen. Foto’s verkoop ik rechtstreeks via mijn website en artikelen verkoop ik nu ook los aan geïnteresseerden.
Het is allemaal nog redelijk experimenteel, maar ik vind het wel leuk: sinds kort kan iedereen tegen betaling artikelen van mijn hand lezen via The Post Online Magazine en via Blendle.
Twee artikelen van mij zijn daar nu te lezen: een spectaculaire reportage over een van de grootste gevangenissen in de VS, waar gedetineerden meedoen aan de jaarlijkse Rodeo en een reportage over de strijd tussen professionele voetbalfotografen en amateurs.

Zo word ik eigenlijk ook een beetje marktkoopman:

‘EEN REPORTAGE IN DE MORGEN IS EEN DAG ZONDER ZORGEN!’

Dus als jullie allemaal de reportages willen lezen en daar € 0,28 per stuk voor over hebben, maken jullie misschien mijn door de aanbesteding gemiste omzet wel goed.
Als dat lukt, verloot ik een foto-afdruk van ongeveer A4 formaat, naar keuze: http://www.gerritdeheus.com

‘WIE MAAKT ME LOS?!’
 

Hoe betrouwbaar is Twitter-journalistiek?

Toen Twitter nog niet bestond

Toen Twitter nog niet bestond

Nog niet zo heel lang geleden waren we afhankelijk van journalisten voor onze nieuwsvoorziening. Maar nu iedereen een bericht kan schrijven of een foto kan maken én dat eenvoudig kan verspreiden, wat is dan de toegevoegde waarde van een journalist?

Toen ik in oktober vorig jaar een artikel schreef over de demonstratie voor het behoud van Zwarte Piet, had ik geen idee wat dat zou losmaken.
Doordat het veelvuldig gedeeld werd via sociale media als Facebook en Twitter, bezochten zo’n anderhalf miljoen mensen dit blog en ruim 2000 mensen reageerden op het artikel.
“Bloggers en sociale media bereiken meer dan de reguliere journalistiek”, hoorde ik mensen zeggen. Daar zit wel een kern van waarheid in, maar maakt dat de reguliere journalistiek overbodig?

Bronnen
Ik vond het een belangrijk verhaal dus was blij dat het artikel alom gedeeld en geprezen werd. Het voelde goed.
Totdat een journalist een bericht op Twitter plaatste: “Zijn er mensen die het verhaal van De Heus kunnen bevestigen? En waarom zijn er niet meer foto’s?”
Daar schrok ik van. Waarom twijfelt een collega-journalist aan mijn verhaal? Waarom zou ik liegen?
Het duurde een paar seconden totdat ik besefte dat het terechte vragen waren. Die journalist deed zijn werk. Als een van de weinigen nam hij mijn verhaal niet klakkeloos aan en ging opzoek naar meerdere bronnen. Gelukkig kon ik mijn verhaal onderbouwen met foto’s en werd het door meerdere mensen bevestigd.

Syrië
Maar hoe is dat met andere berichten op de sociale media? Is alles wel wat het lijkt en is het verstandig om zomaar alles te retweeten op Twitter of te delen op Facebook?
Soms zie je berichten en vooral foto’s die zo’n indruk maken dat je ze meteen wilt delen.
Zo ging er vorige maand een foto ‘viral’ van een jongetje in Syrië dat tussen de graven van zijn ouders lag te slapen. “Het meest schokkende beeld van de oorlog in Syrië”, werd er druk getwitterd. Maar was dat wel zo?
Journalist Harald Doornbos zocht het uit en schreef er een artikel over op zijn blog. Wat bleek? De foto is niet in Syrië gemaakt, maar in Saoedi-Arabië. En het jongetje ligt niet tussen de graven van zijn ouders te slapen, hij poseert voor een kunstenaar. Iemand vond het dus nodig om deze foto in een andere context te publiceren en had daar misschien wel belang bij.

Logo
In Nederland kunnen ook minder schokkende berichten viral gaan. Zeker als het om geld gaat in combinatie met politici.
Gisteren berichtte De Telegraaf dat een nieuwe huisstijl de stad Amsterdam een ton kost en plaatste daar een plaatje bij van het oude en het nieuwe logo.
Er was een klein verschil. De vormgever had een keer op enter gedrukt.
Op Twitter en Facebook zag ik het plaatje vaak voorbij komen met de tekst: “Het nieuwe logo van Amsterdam kost een ton!”
De reacties: “Wat een oplichter die ontwerper. Een keer op enter drukken en een ton in zijn zak steken!” En: “Ik had het voor de helft gedaan!” En dan natuurlijk de gebruikelijke verwensingen in de richting van politici: “Zal wel een vriendje van de wethouder zijn!”

Onze belastingcenten
Natuurlijk is 100.000 euro veel geld en kun je je afvragen of een nieuwe huisstijl nodig was, maar uit deze reacties blijkt dat mensen een plaatje blind delen en niet naar de context kijken. Of men begrijpt niet wat het begrip ‘huisstijl’ inhoudt. Gemakshalve neemt men aan dat die ton rechtstreeks naar de vormgever gaat en dat hij of zij alleen het logo aanpaste. Maar alles waar het logo op staat, wordt aangepast. Denk aan briefpapier, enveloppen, visitekaartjes, maar bijvoorbeeld ook reclameborden en belettering. Dat is veel werk, vertelde ook Edo van Dijk van  ontwerp bureau Edenspiekermann in Het Parool.
“Van onze belastingcenten!”, hoor ik dan roepen. Maar als de gemeente nu lokale ondernemers inschakelt om de huisstijl te ontwerpen en uit te voeren? Het gaat al jaren niet goed met de grafische industrie dus als de gemeente Amsterdam nu een vormgever, drukker en een beletteraar aan het werk zet, scheelt dat misschien wel weer een paar uitkeringen. Het is díe nuance die ik vaak mis op sociale media en dat is misschien wel het grootste verschil met het werk van (de meeste) journalisten.

Burgerjournalistiek
Dankzij de techniek van tegenwoordig kan iedereen een artikel schrijven, een foto maken en alles delen via de sociale media. En dat is mooi. Zeker in gebieden waar journalisten hun werk niet kunnen doen. Maar vaak mis ik de nuance. Ik ben voorzichtiger geworden met het delen van berichten waarvan ik niet zeker weet wie de bron is. En het delen van een plaatje zonder context, zoals het logo van de gemeente Amsterdam, doe ik niet meer.
Daarom denk ik dat,  naast ‘burgerjournalisten’ en ‘burgerfotografen’, journalisten en fotojournalisten noodzakelijk blijven. Journalisten kunnen zich onderscheiden door integer te zijn, kritisch te blijven en verder te kijken dan de burgerjournalist. Ook voor fotojournalisten is dat de manier om zich staande te houden tussen het grote aanbod van foto’s van hobbyisten. Want hoewel veel van hen prima foto’s maken, heeft het vaak weinig met journalistiek te maken, zoals blijkt uit het verhaal van deze fotograaf over zijn foto op nieuwswebsite nu.nl. Op het eerste gezicht een goede nieuwsfoto, maar uit zijn verhaal blijkt dat het tafereel volledig geënsceneerd is. Ook die foto werd veelvuldig gedeeld via Facebook en Twitter. Alsof het nieuws was.

 

Papua Merdeka, Tilly’s strijd voor onafhankelijkheid

Toen ik op 26 oktober naar het Malieveld in Den Haag ging om de demonstratie voor het behoud van Zwarte Piet te fotograferen, had ik nog geen idee hoe vreemd de dag zou verlopen.

Ik ben bezig met een serie reportages over veranderingen in Nederland en Zwarte Piet is zo’n typisch Nederlandse traditie die misschien wel op het punt staat om aangepast te worden.
Ik dacht een luchtig, misschien wel wat kneuterig onderwerp in beeld te gaan brengen, maar er gebeurde iets heel anders.

West-Papoea
De Delftse Tilly Kaisiëpo was ook naar het Malieveld gekomen. Om steun te betuigen én om aandacht te vragen voor haar eigen strijd: onafhankelijkheid van West-Papoea.
Over wat er toen gebeurde schreef ik een artikel op dit blog dat inmiddels 1,5 miljoen keer is gelezen.
Net als veel Nederlanders wist ik vrijwel niets over West-Papoea, maar inmiddels heb ik me er meer in verdiept en ik hoop dat meer mensen dat zullen gaan doen.

Webdocumentaire
Om daar een beetje bij te helpen heb ik mijn bedrijf Narratus Multimedia ingezet en een korte webdocumentaire gemaakt over Tilly en de situatie in West-Papoea. Het zou mooi zijn als al die mensen die het eerdere artikel hebben gelezen ook deze docu bekijken. En voor wie de petitie ‘Stop de slow motion genocide in West-Papoea’ nog niet getekend heeft, hoop ik dat deze docu daar toe zal aanzetten.

WAARSCHUWING: DE DOCUMENTAIRE BEVAT BEELDEN DIE ALS SHOCKEREND KUNNEN WORDEN ERVAREN.

Papua Merdeka, Tilly’s struggle for independence

When I went to the ‘Malieveld’ on October 26th in The Hague to photograph the demonstration in favor of ‘Zwarte Piet’ (Black Pete), I had no idea what would happen that day.

I ‘m doing a series of stories on changes in the Netherlands and Zwarte Piet is a typical Dutch tradition which might be on the verge to be adjusted.
I thought I was going to cover an easy subject, even a bit superficial maybe. But something else happened.

West Papua
Tilly Kaisiëpo had come to the Malieveld as well to show support and to ask attention for her own struggle: independence of West Papua .
About what happened then, I wrote an article on this blog that has now been read 1.5 million times.
Like many Dutch I knew almost nothing about West Papua , but now I have learned more about it’s history and I hope more people will do so.

Web Documentary
To help a bit, I’ve produced (with my  company Narratus Multimedia) a short web documentary ​​about Tilly and the situation in West Papua . It would be nice if all those people who have read the previous article will also view this documentary . And for those people who haven’t signed the petition  ‘Stop the slow motion genocide in West Papua‘ yet, I hope that this documentary will encourage you to do so.

WARNING : CONTAINS SHOCKING IMAGES

Het Laatste Rondje, Passie voor motorracen

Joop van Brecht (82) is een geboren motorracer. Maar na een ernstige val, vindt hij het tijd om te stoppen. “Het is over”

Zwarte Piet, 1,4 miljoen views (slot)

Het begon vrolijk

Ik schrijf wel eens een artikel voor mijn blog. Meestal over fotografie, journalistiek of video. Via Twitter en Facebook deel ik het bericht en dan zijn er altijd wel een aantal mensen die dat lezen, vooral familie, vrienden en vakgenoten. Met een beetje geluk reageert er iemand: “Leuk blog!” of: “Mooie foto”. Maar dat is het dan wel zo’n beetje.

Malieveld

Hoe anders was het zaterdag 26 oktober 2013. Op het Malieveld in Den Haag fotografeerde ik de demonstratie voor het behoud van Zwarte Piet.
De middag begon vrolijk met muziek en dansende en zingende Zwarte Pieten. Maar het eindigde anders. Een groep demonstranten zag een vrouw met een vlag en concludeerde dat zij een tegendemonstrante was. Over wat er daarna gebeurde, schreef ik een artikel en plaatste dat op mijn blog.

Olievlek

Zoals gewoonlijk verspreidde ik het artikel via Twitter en Facebook en ik ging over tot de orde van de dag.
Toen ik even later op Twitter keek, zag ik dat het aardig werd geretweet en ook op Facebook werd het bericht vaak gedeeld. ‘Je gaat viral’, kreeg ik van een vriend door. Met een vette knipoog. Maar de knipoog bleek onterecht, het artikel verspreidde zich echt als een olievlek.

Mailbox

Toen ik de volgende dag mijn mailbox opende, zag ik dat ik zo’n 600 ongeopende berichten had en per minuut kwamen er twee nieuwe bij. Op Twitter was een voortdurende stroom aan mentions opgang gekomen en ik werd bedolven onder de berichten en ‘likes’ op Facebook. Het artikel had wat losgemaakt.

Nadelen

Het is natuurlijk altijd prettig als je werk gezien wordt, je maakt het niet voor niets. Maar het heeft ook nadelen, zo merkte ik. De reacties kun je niet negeren. Er kwamen vragen en opmerkingen waar ik op moest reageren. Over objectiviteit, betrouwbaarheid en integriteit. Dat doen familie en vrienden nooit.

Tijd

Het kost even tijd om 1700 reacties te verwerken. Maar de mensen die reageren hebben haast. Gewend aan het reageren op grote nieuwssites, willen ze meteen hun reactie terugzien op de website. Maar ik wilde de reacties toch nog wel filteren op grof taalgebruik.
Dan komen er mailtjes binnen van mensen die gereageerd hebben, maar niets terugzien op de website: “Word ik gecensureerd?!!” Waarop ik weer uitleg hoe ik werk en vooral: ik werk alleen.
Het overgrote deel van de reacties was positief, maar er zaten natuurlijk ook negatieve reacties tussen en er kwamen vragen en opmerkingen waar ik in een tweede artikel weer op gereageerd heb.

Media

Terwijl ik druk bezig was de reacties te verwerken kregen de overige media ook lucht van het artikel. Hart van Nederland belde als eerste, maar kort daarna volgden ‘RTL Late Night‘, ‘De Wereld Draait Door‘, ‘Radio Veronica‘ en maandagochtend belde Giel Beelen.
Aan Hart van Nederland besloot ik niet mee te doen. Vooral omdat ik vind dat het verhaal niet om mij gaat, maar om mevrouw Kaisiëpo. Over RTL Late Night en De Wereld Draait Door, twijfelde ik. “Wil ik wel op televisie, voegt het iets toe? En welk programma?” Want ik moest kiezen. De redactrices die ik sprak hadden alle begrip voor mijn twijfels en gaven me de mogelijkheid om er een nachtje over te slapen.

Lou Reed

Die avond overleed Lou Reed en ik dacht meteen: “De Wereld Draait Door zal sowieso afhaken.”
Dat klopte. Naast het overlijden van Lou Reed was er nog meer nieuws: een flinke storm had een leven gekost in Amsterdam. De actualiteit had het nieuws rond de Zwarte Pieten demonstratie ingehaald. De redactrice verontschuldigde zich, maar natuurlijk begrijp ik de keuze. Het programma heet niet voor niets ‘De Wereld Draait Door’.
Ook de redactrice van RTL Late Night maakte uitgebreid excuses. Daar kreeg ook het nieuws over de storm de voorkeur boven de Zwarte Pieten. Logisch.
Voor mezelf vond ik het niet zo heel erg,  maar voor mevrouw Kaisiëpo vond ik het wel jammer. Hoe meer aandacht voor haar ‘zaak’ hoe beter. Gelukkig heeft ze, naast Hart van Nederland, ook haar verhaal kunnen doen bij ‘Raymann is laat

Telefoontje

Een ander nadeel van alle aandacht voor het blog was dat de ‘demonstranten’ die ik gefotografeerd heb er ook lucht van kregen. Het eerste telefoontje kwam een paar dagen na de demonstratie: “Ben jij degene die die foto’s gemaakt heeft op het Malieveld? Die staan op Twitter, haal die er eens snel vanaf, dat kan zomaar niet!”
Ik legde uit dat ik de foto’s op mijn website heb geplaatst en dat anderen die verspreid hebben. En dat ik ze dan niet meer van Twitter kan krijgen. “Oké, dan ga ik verder kijken…’ zei ze en ze hing op.

Marco

Weer een dag later belde ene ‘Marco’. Hij was erbij geweest en vond dat ik de situatie niet goed had weergegeven. De man op de foto werd nu bedreigd en dat heeft hij niet verdiend, vond hij.
Toen ik vroeg of die man familie van hem is, was het even stil, maar vervolgens bevestigde hij dat.
Marco wilde graag afspreken om het een en ander te bespreken en zijn kant van het verhaal te vertellen.
Ik vroeg hem waarom dat niet telefonisch kon. Maar dat wilde hij niet en hij vond het zwak dat ik niet wilde meewerken.

Bedreigd

Marco heeft ook een reactie achtergelaten op het eerste artikel waarin hij beweert dat ik het ‘halve verhaal’ vertel. Ik heb geantwoord dat hij in een volgende reactie zijn verhaal kan vertellen. Ik censureer niets.
Maar ik vind het goed dat hij belde en het op wilde nemen voor een familielid dat bedreigd wordt en
ik wil benadrukken dat het nooit mijn bedoeling is geweest om zulke reacties op te roepen.
Als deze man bedreigd of geïntimideerd wordt, overkomt hem hetzelfde als mevrouw Kaisiëpo en dat wilden we toch juist niet met zijn allen?

Balans

Nu alles een beetje rustiger wordt, is het tijd om de balans op te maken. Wat hebben we bereikt?
Er is in ieder geval aandacht geweest voor de petitie ‘Stop de ‘slow motion’ genocide in West-Papoea‘.
Op zaterdag stond de teller op nog geen 3000 handtekeningen, nu (31 oktober 2013) staat de teller op bijna 29.000. En er is discussie ontstaan over belangrijke onderwerpen als racisme en discriminatie.

Onafhankelijk

Wat ook opvalt, is het aantal verzoeken om me in te zetten voor actiegroepen en andere organisaties.
En ik kreeg het verzoek om aangifte te doen tegen racisme en discriminatie en de foto’s aan de politie te leveren. Goed bedoeld, maar dat heb ik allemaal afgewezen. Ik ben onafhankelijk (foto)journalist en dat wil ik graag zo houden.

Vier maal De Volkskrant

Wat heb ik er zelf aan gehad? Het was in ieder geval een bijzondere ervaring. Op zondag hebben ruim een miljoen mensen mijn blog bezocht. Dat is ruim twee keer zoveel als de oplage van de Telegraaf of ruim vier maal De Volkskrant of tien maal Trouw. Sinds zaterdag zijn het er bij elkaar bijna anderhalf miljoen. Ongeveer 2000 mensen lieten een reactie achter.
Veel mensen denken dat ik hier heel veel aan verdiend heb. Dat valt erg mee. Zoals iedereen weet is internet gratis en die anderhalf miljoen lezers hebben geen vrijwillige financiële bijdrage geleverd. Ik kreeg wel verzoeken om het artikel op nieuwssites te plaatsen, maar daar zou niet voor betaald worden.
Crowdfunden met terugwerkende kracht zal niet lukken, vrees ik. Maar ik heb natuurlijk wel een aantal foto’s verkocht aan verschillende media.

Narratus Multimedia

Naar alle waarschijnlijkheid is dit mijn laatste artikel over dit onderwerp. Genoeg is genoeg.
Het wordt tijd dat ik me weer ga richten op mijn echte werk. Iets waar ik ook wat mee verdien.
Want naast mijn journalistieke werk heb ik ook nog een multimediabedrijf: Narratus Multimedia. Wij leveren webdocumentaires (beeldverhalen), videoreportages en we maken natuurlijk (journalistieke)fotoreportages en portretten.
En nu er anderhalf miljoen mensen zijn die mij kennen, verwacht ik het natuurlijk heel druk te krijgen.

Iedereen bedankt voor de reacties en ondanks dat het pas oktober is: alvast een gezellige Sinterklaasviering.

Gerrit de Heus

Dank voor alle reacties. We zijn inmiddels een week verder, dus het lijkt goed om deze discussie af te sluiten. Nieuwe reacties worden niet meer gepubliceerd.